Wij gebruiken cookies

De cookies worden gebruikt voor onderzoek naar webstatistieken. Dat helpt ons om de site te verbeteren.

U bevindt zich op: Publiek  Centrale Toegang

Wat doet de Centrale Toegang?

De Centrale Toegang behandelt meldingen en aanvragen voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Dit zijn maatwerkvoorzieningen die wij uitvoeren in opdracht van gemeenten. 

Beschermd wonen is ook mogelijk vanuit de Wet langdurige zorg. Dit is aan de orde als er sprake is van een blijvende zorgafhankelijkheid. Een aanvraag voor de Wlz kan gedaan worden bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Om een indruk te krijgen of toegang tot de Wlz mogelijk is, kun je de de Wlz-check doen.

De Centrale Toegang

  • Behandelt meldingen van mensen die maatschappelijke opvang nodig hebben of beschermd willen wonen op Wmo-basis
  • Voert het onderzoek uit en geeft namens de gemeenten de beschikkingen af
  • Voert regie over plaatsingen beschermd wonen in natura middels de centrale wachtlijst
  • Voert trajectbewaking uit, wat wil zeggen dat we mensen die middels een beschikking van de Centrale Toegang beschermd wonen, periodiek vragen hoe het met ze gaat
  • Bewaakt de door- en uitstroom in de keten van maatschappelijke opvang. De Centrale Toegang heeft hierdoor zicht op de populatie in deze voorzieningen
  • Organiseert periodieke overleggen tussen betrokken instellingen
  • Stelt bij langdurige of extreme kou de winterregeling in werking voor daklozen
  • De Centrale Toegang heeft over deze taken tevens een signalerende functie voor de centrumgemeente Zwolle en maatschappelijke instellingen
     

Voor welke gemeenten werkt de Centrale Toegang?

De Centrale Toegang werkt voor de regio van de centrumgemeente Zwolle.

Dit betreft de gemeenten:

  • Zwolle;
  • Kampen;
  • Zwartewaterland;
  • Steenwijkerland;
  • Staphorst;
  • Dalfsen;
  • Ommen;
  • Hardenberg.

Mensen uit deze gemeenten die een melding voor beschermd wonen willen doen, melden zich in eerste instantie bij de lokale Wmo-toegang, bijvoorbeeld een sociaal wijkteam. Daar wordt bezien of er een mogelijkheid is om de hulpvraag op voorliggende wijze op te lossen, bijvoorbeeld via thuisondersteuning. Alleen als er geen voorliggende voorzieningen mogelijk zijn, vindt een overdracht van de melding aan de Centrale Toegang plaats.